ADHD/ ADD 

 

De afkorting ADHD staat voor: Attention Deficit Hyperactivity Disorder. In het Nederlands: aandacht - tekort - stoornis met hyperactiviteit.

 

Kinderen met ADHD hebben vaker en sterker dan de meeste andere kinderen problemen met:

 

  • Aandacht en concentratie:
    Zij vinden het moeilijk om hun aandacht blijvend op één taak te richten en zich niet door allerlei prikkels uit de omgeving te laten afleiden.
  • Hyperactiviteit:
    Ze zijn, vooral op jongere leeftijd, voortdurend in beweging. Ze zijn vaak snel opgewonden en gefrustreerd. Vaak voelen zij een grote onrust van binnen. De hyperactiviteit vindt voornamelijk plaats in het hoofd. De hersenen vangen teveel prikkels op. Stil zitten en rustig zijn kost ongewoon veel energie.
  • Impulsiviteit:
    Zij doen voordat ze denken. Ze houden zich niet  bezig met de gevolgen van hun gedrag; de "remfunctie" ontbreekt.
  • Regelfuncties:
    Kinderen met ADHD vinden het moeilijk te plannen en om hun emoties, motivatie en alertheid te reguleren en eerdere ervaringen te laten meespelen bij beslissingen en verwachtingen over de toekomst. Ze reageren daardoor ook anders op beloning en straf.

Is AD(H)D alleen maar een last?

  Welnee, de meeste ADHDers weten wel beter!

 

  •  Kinderen met ADHD zijn zeer zorgzaam.
  • Het kind heeft een bijzondere aandacht voor het zien van details. 
  • Muzikaal.
  • Hoog gevoelig, ook wel zesde zintuig genaamd.
  • Gevoel voor humor.
  • Het kind met ADHD kijkt met respect naar de medemens en voelt met de  ander mee.
  • Het kind met ADHD heeft een oplossend vermogen.
  • Het kind met ADHD bezit bijzondere talenten op het gebied van creativiteit, muzikaliteit, omgang met de medemens, sport.

 

Oorzaken van AD(H)D

 

Familiaire aanleg. Wanneer één van de ouder ADHD heeft, heeft het kind > 70% kans om geboren te worden met AD(H)D.

Moleculair: Verstoringen in het dopamine en noradrene systemen in de hersenen. Ondanks de soms tegenstrijdige uitkomsten van studies, tekent zich toch een beeld af van afwijkingen in de functie van de frontaalkwab (dit vormt het voorste gedeelte van onze hersenen). Er is een stoornis in het doorgeven van een signaal van de ene zenuwcel naar de andere. De Dopaminetransporter is belangrijk voor onder andere ons gedrag en de concentratie. Het zorgt ervoor dat wij aangeleerd gedrag bewust gebruiken. Bij een stoornis hierin lijkt de "rem" eraf te zijn. 

 

  • We doen eerst een handeling en denken hierna pas na. Deze persoon voelt alle prikkels om zich heen en kan deze niet negeren. 
  • Hersenscans laten diverse veranderingen in structuur en functie van de hersenen van ADHD-patiënten zien. Hersenscans hebben aangetoond dat hersenen van een persoon met ADHD 3 tot 5% kleiner zijn dan mensen zonder ADHD. Dit heeft geen invloed op de intelligentie van de desbetreffende persoon.
  • Roken en overmatig alcohol gebruik in de zwangerschap.
  • Vroeggeboorte < 34 weken
  • Zuurstof tekort tijdens de zwangerschap of tijdens de bevalling.

 

Fabels over de oorzaak van AD(H)D

 

  • Een kind mag tegenwoordig niet meer druk zijn.
  • Ouders hebben het te druk met hun eigen carrière.
  • Het kind snoept te veel, het komt van de suiker.
  • Het komt van alle kleurstoffen die in onze voeding is verwerkt.
  • Het is een modeverschijnsel.
  • Er is thuis geen structuur en veel stress. (is niet de oorzaak van ADHD maar heeft wel veel invloed!)

Het verschil tussen ADD en ADHD

  

Bij beide gevallen is de drukte en chaos in het hoofd hetzelfde. De uiting hiervan is totaal verschillend.

 

ADD

 

  • Het kind is juist erg rustig.
  • Valt niet (of minder) op in de klas.
  • Offert zich gemakkelijk op voor de ander.
  • Kan in een isolement raken met verminderd zelfbeeld zonder dat de ander het direct in de gaten heeft!
  • Praat liever niet.
  • ADD wordt soms laat gediagnosticeerd omdat het kind intelligent is en ondanks zijn concentratiegebrek toch mee kan komen met de les.

 ADHD

 

  • De drukte in het hoofd  wordt geuit door hyperactiviteit in spraak en beweging.
  • Het kind is een "open boek" en flapt er alles uit wat het ziet en denkt.
  • Maakt regelmatig onbedoeld ongelukje.
  • Minder vriendjes (andere kinderen vinden het impulsieve gedrag eng of gewoon te onrustig).
  • Een kind met ADHD kan plotseling erg boos worden.
  • Valt op in de klas en leidt anderen af zonder dit in de gaten te hebben.  

 

Kinderen met ADHD hebben het vaak niet gemakkelijk.

Wanneer een kind zich druk gedraagt zeggen mensen vaak dat het kind ADHD heeft. De term: Alle dagen heel druk wordt vaak bedoeld met de lichamelijke hyperactiviteit. Deze term zou juist bedoeld moeten zijn voor de hyperactiviteit in het hoofd! Dit zie je niet aan de buitenkant.

 

Kinderen die druk zijn hebben lang niet allemaal ADHD! Hyperactiviteit bij kinderen kan allerlei oorzaken hebben zoals spanningen bij familieproblemen, of het moeilijk kunnen verwerken van een groot verlies, allergie of  een lichamelijke ziekte.

 

Wanneer de diagnose ADHD wél gesteld is wordt het vaak niet serieus genomen. De kinderen moeten zich gedragen als de kinderen zònder ADHD en dat lukt vaak niet.

Kinderen met ADHD voelen veel onrecht. Zij begrijpen het onbegrip niet van de ander omdat zij zichzelf een goed kind vinden. Anderen laten hun voelen dat ze anders zijn. Dat betekent dat een kind, voordat ADHD gesteld wordt, zich vaak buitengesloten voelt.

 

Wanneer de diagnose uiteindelijk gesteld is heeft het kind met ADHD al heel wat moeten overwinnen om erbij te kunnen horen.

Bij veel kinderen met ADHD ontstaat faalangst door de vele teleurstellingen die het kind ondervonden heeft. Hierdoor komt de opleiding in de problemen of de keuze voor een vervolgopleiding. Er kunnen zich assertiviteitsproblemen voordoen omdat het kind er graag bij wil horen maar voelt dat het anders gevonden wordt. Dit kan in eerste instantie onopgemerkt blijven omdat het kind dit verborgen houdt door zich anders voor te doen dan het kind zich werkelijk voelt. Dit kan zich manifesteren in stoer gedrag, populair zijn (meeloop gedrag) en trends in de gaten houden. Grote mond, enorme woede uitbarstingen met scheldpartijen en agressiviteit naar de ander of naar zichzelf toe. Emotionele chantage. Roken en drinken. Het kind zoekt naar een alternatief  om het nare gevoel van binnen even niet te hoeven voelen. Vaak wordt dit gedrag afgestraft. Helaas wordt er vaak niet gekeken naar de oorzaak van dit gedrag waardoor de faalangst alleen maar groter en groter wordt met alle gevolgen van dien.

Faalangst heeft zijn oorsprong vaak al in de jonge levensjaren.

Het kind met ADHD krijgt veel meer negatieve kritiek dan andere kinderen. Ook wanneer het zelf van mening is dat hij het heel goed gedaan heeft. Wanneer de negatieve kritiek niet begrepen wordt, zou het kind steeds meer moeite kunnen krijgen om opnieuw aan de opdracht te beginnen omdat het niet weet waarom het steeds negatief bekritiseerd wordt. Hier ontstaan onopgemerkt de eerste verschijnselen van faalangst die in de pubertijd tot uitbarsting komen.

 

Faalangst is goed te begeleiden. Faalangst kan, wanneer het onopgemerkt blijft en het kind verkeerd wordt begeleid, zo ver doorschieten dat een kind andere, die het kind stimuleren en motiveren de opdracht te maken, gaat zien als bedreiging. Het kind wordt steeds angstiger en houdt zijn leventje vol met allerlei valkuilen en troefjes. Deze troefjes kunnen zijn: stoer gedrag, roken, joint, dwanghandelingen, een grote mond opzetten enz.

 

Faalangst kan doorspelen tot de volwassen leeftijd. Hierin kunnen problemen ontstaan op de werkvloer, tijdens studie, in het gezin. Het kan zich gaan uiten in boos en agressief gedrag, depressie, toename alcohol, roken. faalangst kan zich uiten naar geheel de andere kant namelijk: het steeds verder terug trekken van de mensen om zich heen, Problemen niet bespreekbaar maken. Belangrijke zaken aan de ander over laten, moeite in het nemen van beslissingen. Kritiek wordt als persoonlijk opgevat. 

 

Wanneer je faalangst vroeg erkend kan het heel veel problemen voorkomen. 

 

Wanneer de diagnose gesteld is zijn we er nog niet. Ook het gevoel van onrecht moet opgelost worden. Daarom is het belangrijk om ADHD te benoemen vanuit de positieve kwaliteiten die ADHD met zich meebrengt.

  

Het kind met ADHD krijgt vaak medicatie om ervoor te zorgen dat het kind zich kan concentreren. Hierdoor kan het mee met de lesstof en kan de aandacht naar de kwaliteiten van het kind.

Medicatie is een hulpmiddel om de kinderen te laten voelen hoe het is om je te kunnen concentreren. Hiermee kan je het kind structuur bieden.

Het is niet alleen de medicatie die het kind moet helpen. Het staat anders in de wereld met een unieke visie.

Maar hoe leert het kind zijn visie anders gebruiken? Thuis, op school, tijdens sport. Hoe leert het zich aanpassen? Dat is nog niet zo vanzelfsprekend.

 

Hierop richt zich mijn ADHD praktijk. Om het kind of de (jong) volwassenen ADHD eigen te maken: met zijn eigen opvattingen en vernieuwde aanpassingen die passen bij het kind.

Ook de ouders en/of partner hebben handvatten nodig om het kind/partner te begrijpen en te helpen in ondersteuning tijdens het begeleidingstraject.

 

Veel ouders worden negatief benaderd wanneer zij vertellen dat hun kind ADHD heeft. Veel mensen denken dat zij begrijpen wat ADHD is maar dit begrijp je pas wanneer je zelf een kind met ADHD hebt en moet opvoeden. Laat je niet ontmoedigen door de mening van anderen. Je hebt een heel bijzonder kind met veel kwaliteiten waar je heel trots op kan zijn. Je moet deze kwaliteiten weten en ontdekken. Dan weet je waar je mee bezig bent en kan je de negativiteit rondom ADHD naast je neerleggen.

 

Verslavingsgevoeligheid

 

Kinderen met ADHD zijn sneller geneigd verslaafd te raken.

Wanneer het kind met ADHD niet begrepen wordt ontstaan er gedragsproblemen. Op school, thuis en op straat komt het kind met ADHD vaak in conflict.

Op de middelbare school is de stap naar roken en drinken klein. Het wordt het kind aangeboden door andere kinderen. Op het moment dat het kind met ADHD er genoeg van heeft doordat het conflicten thuis en op school heeft is de stap, om mee te gaan roken met de groep die je een sigaret aanbiedt, klein. Het kind met ADHD wordt uitgenodigd door een groep kinderen. Het kind wordt hier wel gezien en geaccepteerd. De behoefte erbij te horen is groot. De keuze om de sigaret aan te nemen en in te gaan op het verzoek mee te doen is dus logisch.  

Van roken wordt het kind met ADHD rustiger. Het kind voelt dat zijn concentratie toeneemt en het minder gevoelig is voor externe prikkels. Het kind met ADHD heeft een dopamine tekort wat door roken wordt aangevuld. Zo ook met alcohol.

Gebruik van ADHD medicatie zorgt er onder andere voor dat de kans op verslaving sterk afneemt.